Impressie Winterreunie 2019

Een indruk van de Winterreünie 2019.

In het clubgebouw “De Stuw” van de jachthaven in Grave (thuishaven van onze penningmeester) is in Januari j.l. de Winterreünie van de Talingclub gehouden. We waren er al voor de tweede keer op rij te gast.

Rond de dertig mensen zijn naar Grave getogen voor een winters weerzien om de vaarverhalen van de zomervakantie uit te wisselen, evenals de plannen voor komend jaar. Naast de merendeels trouwe bezoekers mochten we ook drie nieuwe leden begroeten, die de club wel eens van dichtbij wilden zien. De kennismaking is van beide zijden goed bevallen. Het nieuwe lid Leon heeft zelfs, zonder al te grote aandrang, zich beschikbaar gesteld om de Zomerreünie van 2020 in Zierikzee te organiseren.

Besloten is ook om de Zomerreünie 2019 in juni te houden in Broekerhaven, onder de rook van Enkhuizen aan de zuidkant van de dijk.

Het inhoudelijk bijspijkeren is verzorgd door Willem Beetz en Arjen van Brussel.

Willem heeft het gezelschap laten zien hoeveel economischer het systeem van warmtepompen is voor het verwarmen van onze huizen en Arjen heeft aan de hand van foto’s duidelijk gemaakt dat er Talingen bestaan die een refit goed kunnen gebruiken. Arjen is op zijn wenken bediend toe het ging over de vraag hoe de aangelaste kiel van zijn schip het beste van nieuwe bouten en moeren kon worden voorzien. De suggesties vlogen hem om de oren zoals te verwachten is in een club van mensen met gouden handjes die de Taling van binnen en van buiten kennen.

Ton en Hielkje hebben zich als gastvrouw en gastheer weer van hun beste zijde laten zien, als altijd dapper bijgestaan door Marjan Ooms. Voorzitter Jan heeft de sprekers en de gastvrouw van een presentje voorzien; Ton zag zijn fles schippersbitter aan zijn neus voorbijgaan. Voorzitter Jan heeft die uitgereikt aan een onverwachte medepresentator van Arjen. Ton heeft zijn verlies ruiterlijk genomen.

Rond 4 uur is iedereen weer huiswaarts gekeerd met het vaste voornemen er in Broekerhaven met schip en al weer bij te zijn.

André Manders